Balans per 31 december 2023 voor resultaatbestemming
| Activa | 31-12-2023 | 31-12-2022 |
| Vaste activa | ||
| 1. Materiële vaste activa | 1.168.683 | 105.836 |
| 2. Financiële vaste activa | 314.720 | 342.855 |
| 1.483.403 | 448.691 | |
| Vlottende activa | ||
| 3. Voorraden | 209.231 | 153.008 |
| 4. Debiteuren | 481.854 | 550.813 |
| 5. Overige vorderingen en overlopende activa | 2.361.071 | 1.467.428 |
| 3.052.156 | 2.171.249 | |
| Liquide middelen | ||
| 6. Liquide middelen | 833.807 | 2.971.607 |
| 833.807 | 2.971.607 | |
| Totaal Activa | 5.369.366 | 5.591.547 |
| Passiva | ||
| Vermogen | ||
| 7. Algemene reserve | 1.103.085 | 1.216.177 |
| 7. Bestemmingsreserve | 252.155 | 530.642 |
| 7. Onverdeeld resultaat | -47.406 | -391.579 |
| 1.307.834 | 1.355.241 | |
| Voorzieningen | ||
| 8. Voorzieningen | 2.865.638 | 2.424.231 |
| 2.865.638 | 2.424.231 | |
| Langlopende schulden | ||
| 9. Langlopende schulden | - | 342.855 |
| - | 342.855 | |
| Kortlopende schulden | ||
| 10. Crediteuren | 501.226 | 832.605 |
| 11. Overige schulden en overlopende passiva | 694.667 | 636.614 |
| 1.195.893 | 1.469.219 | |
| Totaal Passiva | 5.369.366 | 5.591.547 |
Staat van baten en lasten over 2023
| 2023 | 2023 | 2022 | |
| Realisatie | Begroting | Realisatie | |
| Baten | |||
| 12. Entreegelden | 4.833.706 | 4.303.400 | 3.685.974 |
| 13. Bijdragen overige activiteiten | 2.815.223 | 1.952.500 | 2.290.015 |
| 14. Subsidie en sponsoring | 3.620.678 | 3.390.036 | 3.224.237 |
| 15. Steunmaatregelen corona | - | - | 218.173 |
| 16. Rente | 13.095 | 50 | - |
| 17. Overige baten | 132.881 | - | 54.878 |
| Totaal baten | 11.415.582 | 9.645.986 | 9.473.277 |
| Lasten | |||
| 18. Personeel | 4.563.207 | 4.242.247 | 3.909.057 |
| 19. Afschrijvingslasten | 72.969 | 75.000 | 66.376 |
| 20. Huisvesting | 2.567.658 | 2.096.401 | 1.842.277 |
| 21. Exploitatie | 723.351 | 557.000 | 583.514 |
| 22. Administratie & beheer | 218.346 | 280.000 | 266.517 |
| 23. ICT | 495.479 | 429.252 | 351.007 |
| 24. Collectie, beheer & behoud | 571.438 | 452.840 | 621.339 |
| 25. Marketing & communicatie | 1.530.372 | 1.260.800 | 1.107.651 |
| 26. Strategieprojecten | 720.168 | 765.340 | 1.117.118 |
| Totaal lasten | 11.462.988 | 10.158.880 | 9.864.855 |
| Exploitatie saldo | -47.406 | -512.894 | -391.579 |
Bestemming exploitatieresultaat
| De bestemming van het exploitatiesaldo is als volgt: | |||
| 2023 | 2023 | 2022 | |
| Realisatie | Begroting | Realisatie | |
| Exploitatiesaldo | -47.406 | -487.894 | -391.579 |
| Toevoeging aan de bestemmingsreserve herontwikkeling museum | -252.155 | ||
| Ontrekking aan de bestemmingsreserve corona | 530.642 | ||
| Ontrekking algemene reserve | 47.406 | 487.894 | 113.092 |
| Toevoeging algemene reserve | |||
| Saldo | - | - | - |
Kasstroomoverzicht over 2023
De bestemming van het exploitatiesaldo is als volgt:
| 2023 | 2022 | |||
| Exploitatiesaldo | (47.406) | (391.579) | ||
| Aanpassingen voor: | ||||
| - Afschrijving materiële vaste activa | 78.664 | 66.376 | ||
| - Mutatie voorzieningen | 441.407 | 346.050 | ||
| - Afname lange termijn vordering | 28.135 | - | ||
| - Afname lange termijn schuld | 28.687 | - | ||
| Subtotaal: | 576.893 | 412.426 | ||
| Veranderingen in werkkapitaal: | ||||
| - Mutatie voorraden | (56.223) | (58.098) | ||
| - Mutatie vorderingen | (824.683) | 611.009 | ||
| - Mutatie kortlopende schulden | (273.326) | (319.609) | ||
| Subtotaal: | (1.154.233) | 233.302 | ||
| Kasstroom uit operationele activiteiten | (624.746) | 254.149 | ||
| Kasstroom uit investeringsactiviteiten | ||||
| - Investeringen materiële vaste activa | (1.513.053) | (57.947) | ||
| Subtotaal: | (1.513.054) | (57.947) | ||
| Af-/toename geldmiddelen | (2.137.800) | 196.203 | ||
| Samenstelling geldmiddelen | ||||
| 2023 | 2022 | |||
| Liquide middelen per 1 januari | 2.971.607 | 2.775.404 | ||
| Mutatie geldmiddelen | (2.137.800) | 196.203 | ||
| Liquide middelen per 31 december | 833.807 | 2.971.607 |
Grondslagen voor het financieel jaarverslag
Vestigingsplaats en inschrijving handelsregister
Stichting Nederlands Spoorwegmuseum (hierna: ‘Spoorwegmuseum’) is feitelijk en statutair gevestigd op Maliebaanstation 16, 3581 XW te Utrecht en is ingeschreven bij het handelsregister onder nummer 41178462.
Activiteit
Het Spoorwegmuseum heeft als statutair doel “het in stand houden van een Spoorwegmuseum door het bijeenbrengen, in eigendom of bruikleen verkrijgen, conserveren en exposeren van voorwerpen die uit een geschiedkundig oogpunt of anderszins van belang zijn voor de kennis van het spoor- en tramwegwezen en het openbaar vervoer in het algemeen en dat van Nederland in het bijzonder”
Algemeen
Het Spoorwegmuseum is een stichting die geen commerciële doeleinden nastreeft. Het financieel verslag is opgesteld in overeenstemming met Richtlijn 640 “Organisaties zonder winststreven”, zoals gepubliceerd onder verantwoordelijkheid van de Raad voor de Jaarverslaggeving, met uitzondering van het feit dat museumstukken die worden toegevoegd aan de collectie in het jaar van aanschaf ten laste van de exploitatie worden gebracht.
Activa en verplichtingen worden in het algemeen gewaardeerd tegen de verkrijgings- of vervaardigingsprijs of de actuele waarde. Indien geen specifieke waarderingsgrondslag is vermeld vindt waardering plaats tegen de verkrijgingsprijs.
Baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop ze betrekking hebben. Verplichtingen en mogelijke verliezen die hun oorsprong vinden voor het einde van het verslagjaar, worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van het jaarverslag bekend zijn geworden.
Aanpassing vergelijkende cijfers 2022 omwille van inzicht
In 2023 is een andere visie ontstaan met betrekking tot presentatiewijze van de cijfers die eveneens is doorgevoerd in de interne rapportage. Dit heeft ertoe geleid dat de in de staat van baten en lasten gepresenteerde cijfers van 2022 zijn aangepast omwille van het inzicht.
Schattingen
Bij toepassing van de grondslagen en regels voor het opstellen van de jaarrekening vormt het managementteam van Stichting Nederlands Spoorwegmuseum zich verschillende oordelen en schattingen die essentieel kunnen zijn voor de in de jaarrekening opgenomen bedragen. Indien het voor het geven van het in artikel 2:362 lid 1 BW vereiste inzicht noodzakelijk is, is de aard van deze oordelen en schattingen inclusief de bijbehorende veronderstellingen opgenomen bij de toelichting op de desbetreffende jaarrekeningposten.
Grondslagen voor de waardering van activa en passiva
Materiële vaste activa
Materiële vaste activa worden gewaardeerd tegen verkrijgings- of vervaardigingsprijs inclusief direct toerekenbare kosten, onder aftrek van lineaire afschrijvingen gedurende de verwachte toekomstige gebruiksduur en bijzondere waardeverminderingen. De afschrijvingen worden gebaseerd op de geschatte economische levensduur en worden berekend op basis van een vast percentage van de verkrijgingsprijs. Er wordt geen rekening gehouden met een eventuele restwaarde. Er wordt afgeschreven vanaf het moment van ingebruikname.
De volgende afschrijvingstermijnen worden gehanteerd:
Inventaris - 5 jaar;
Keukeninventaris - 7 jaar;
Hardware & audio inventaris - 3 jaar;
ICT Infrastructuur - 10 jaar;
Tentoonstellingen & attracties - 10 jaar
Investeringen in de presentatie worden niet geactiveerd, voor zover deze worden gedekt door specifieke en/of geoormerkte bijdragen van derden. Indien investeringen door derden worden gefinancierd, worden deze direct ten laste van het resultaat verwerkt, onder gelijktijdige verwerking van de toegezegde bate.
Financiële vaste activa
De langlopende vordering op BOEi wordt opgenomen tegen nominale waarde, onder aftrek van noodzakelijk geachte voorzieningen.
Voorraad
De voorraden handelsgoederen worden gewaardeerd tegen verkrijgingsprijs onder toepassing van de FIFO-methode (first in, first out) of lagere netto-opbrengstwaarde. Deze lagere netto-opbrengstwaarde wordt bepaald door individuele beoordeling van de voorraden.
Vorderingen en overlopende activa
De vorderingen worden bij eerste verwerking opgenomen tegen de reële waarde en vervolgens gewaardeerd tegen de geamortiseerde kostprijs. De reële waarde en geamortiseerde kostprijs zijn normaliter nagenoeg gelijk aan de nominale waarde. Noodzakelijk geachte voorzieningen voor het risico van oninbaarheid worden in mindering gebracht. Deze voorzieningen worden bepaald op basis van individuele beoordeling van de vorderingen.
Liquide middelen
Liquide middelen bestaan uit kas, banktegoeden en deposito’s met een looptijd korter dan twaalf maanden. Rekening-courantschulden bij banken zijn opgenomen onder schulden aan kredietinstellingen onder kortlopende schulden. Liquide middelen worden gewaardeerd tegen nominale waarde.
Voorzieningen
Voorzieningen worden gevormd voor in rechte afdwingbare of feitelijke verplichtingen die op de balansdatum bestaan, waarbij het waarschijnlijk is dat een uitstroom van middelen noodzakelijk is en waarvan de omvang op betrouwbare wijze is te schatten. De voorzieningen worden gewaardeerd tegen de beste schatting van de bedragen die noodzakelijk zijn om de verplichtingen per balansdatum af te wikkelen. De voorzieningen met een verwachte looptijd van maximaal een jaar worden gewaardeerd tegen de nominale waarde van de uitgaven die naar verwachting noodzakelijk zijn om de verplichtingen af te wikkelen, tenzij anders vermeld. De overige voorzieningen waarop het effect van tijdswaarde materieel is, worden gewaardeerd tegen contante waarde. De mutatie in de voorziening als gevolg van rentetoevoeging wordt gepresenteerd als rentelast.
Groot onderhoud
Het Spoorwegmuseum is voor het museumcomplex en de bijbehorende bedrijfswoning en het beheren en behouden van haar collectie gedeeltelijk verantwoordelijk voor het onderhoud. De voorzieningen ter gelijkmatige verdeling van lasten voor groot onderhoud worden bepaald op basis van de te verwachten kosten voor het museum over een reeks jaren. De voorziening groot onderhoud wordt gewaardeerd tegen nominale waarde.
Langdurig zieken
De voorziening langdurige ziekte wordt gevormd voor op balansdatum bestaande verplichtingen tot het in de toekomst doorbetalen van beloningen aan personeelsleden die op balansdatum naar verwachting blijvend of geheel niet in staat zijn om werkzaamheden te verrichten door ziekte of arbeidsongeschiktheid. De voorziening loondoorbetaling bij ziekte wordt opgenomen tegen de nominale waarde van de verwachte loondoorbetalingen gedurende het dienstverband.
Lang- en kortlopende schulden
Lang- en kortlopende schulden worden bij de eerste verwerking gewaardeerd tegen reële waarde. Transactiekosten die direct zijn toe te rekenen aan de verwerving van langlopende schulden worden in de waardering bij eerste verwerking opgenomen. Lang- en kortlopende schulden worden na eerste verwerking gewaardeerd tegen geamortiseerde kostprijs, zijnde het ontvangen bedrag rekening houdend met agio of disagio en onder aftrek van transactiekosten. Dit is meestal de nominale waarde.
Grondslagen voor de bepaling van het resultaat
Baten
Verantwoording van de baten uit de levering van diensten geschiedt naar rato van de geleverde prestatie, gebaseerd op de verrichte diensten tot aan de balansdatum in verhouding tot de in totaal te verrichten diensten. Baten uit de verkoop van goederen worden verwerkt zodra alle belangrijke rechten en risico’s met betrekking tot de eigendom van de goederen zijn overgedragen aan de koper. Rentebaten worden tijdsevenredig verwerkt, rekening houdend met de effectieve rentevoet van de desbetreffende activa en passiva. Toegezegde donaties, schenkingen, sponsorgelden en subsidies worden verantwoord in het jaar waarin de omvang betrouwbaar kan worden vastgesteld en de toezeggingen onvoorwaardelijk zijn.
In de jaren tot 1 januari 2023 is de bijdrage vanuit de VriendenLoterij verantwoord in het jaar dat de gelden werd ontvangen in plaats van het jaar waarin de omvang betrouwbaar kon worden vastgesteld en de toezegging onvoorwaardelijk is. Als gevolg van voortschrijdend inzicht is besloten om het moment van het verantwoorden van de bijdrage vanuit de VriendenLoterij aan te passen. De vergelijkende cijfers over 2022 zijn aangepast waarbij het effect op het resultaat beperkt is. Deze aanpassing heeft geleid tot een verhoging van het eigen vermogen per 1 januari 2022 van € 300.000. Door een verhoging van de bijdrage vanuit de VriendenLoterij voor 2023 heeft dit geleid tot een hoger resultaat van € 50.000.
Lasten
De lasten worden toegerekend aan de periode waarop deze betrekking hebben.
Pensioen
Het Spoorwegmuseum is aangesloten bij het Pensioenfonds Rail & OV en de pensioenregeling wordt verwerkt volgens de verplichtingenbenadering. De over het verslagjaar verschuldigde premie wordt als last verantwoord. Op basis van de uitvoeringsovereenkomsten heeft de stichting bij een tekort in het fonds geen verplichting tot het voldoen van aanvullende bijdragen anders dan door hogere toekomstige premies.
Grondslagen van het kasstroomoverzicht
Het kasstroomoverzicht is opgesteld volgens de indirecte methode. De geldmiddelen in het kasstroomoverzicht bestaan uit de liquide middelen. Ontvangsten uit hoofde van interest zijn opgenomen onder kasstroom uit operationele activiteiten. Transacties waarbij geen instroom of uitstroom van kasmiddelen plaatsvindt zijn niet in het kasstroomoverzicht opgenomen.
Toelichting op de balans per 31 december 2023
1. Materiële vaste activa
| Inventaris | Keuken-inventaris | Hardware & audio | ICT Infra-structuur | Tentoon-stellingen & attracties | Totaal | |
| Stand per 1 januari 2023 | ||||||
| Aanschafwaarde | 118.454 | 336.279 | 176.665 | - | - | 631.399 |
| Cumulatieve afschrijving | -56.038 | -308.902 | -160.623 | - | - | -525.563 |
| Boekwaarde | 62.416 | 27.376 | 16.043 | - | - | 105.836 |
| Mutaties | ||||||
| Investeringen | 109.896 | 7.111 | 88.607 | 179.338 | 1.128.101 | 1.513.053 |
| Subsidies en bijdragen | -371.542 | -371.542 | ||||
| Afschrijvingen | -21.262 | -28.955 | -26.953 | -1.494 | - | -78.664 |
| Stand per 31 december 2023 | ||||||
| Aanschafwaarde | 228.351 | 343.389 | 265.273 | 179.338 | 756.559 | 1.772.910 |
| Cumulatieve afschrijving | -77.300 | -337.857 | -187.575 | -1.494 | - | -604.227 |
| Boekwaarde | 151.051 | 5.532 | 77.697 | 177.843 | 756.559 | 1.168.683 |
2. Financiële vaste activa
| 31-12-2023 | 31-12-2022 | |
| Vordering Boei | 314.720 | 342.855 |
| 314.720 | 342.855 |
De vordering op BOEi betreft de afkoop van een deel van de huur van het depot in Blerick dat door het Spoorwegmuseum in gebruik is genomen per 1 oktober 2013. Het Spoorwegmuseum heeft een deel van de huur tot 1 oktober 2038 afgekocht. Het kortlopende deel van de vordering is opgenomen onder de overlopende activa.
3. Voorraden
| 31-12-2023 | 31-12-2022 | |
| Winkelartikelen | 111.517 | 97.694 |
| Museumkaarten | 97.714 | 55.314 |
| 209.231 | 153.008 | |
| Af: voorziening voor incourantheid | - | - |
| Totaal | 209.231 | 153.008 |
Een voorziening voor incourantheid wordt niet noodzakelijk geacht.
4. Debiteuren
| 31-12-2023 | 31-12-2022 | |
| Debiteuren | 481.854 | 550.813 |
| 481.854 | 550.813 | |
| Af: voorziening oninbare debiteuren | - | - |
| Totaal | 481.854 | 550.813 |
De voorziening voor oninbare debiteuren wordt gebaseerd op de individuele beoordeling van de vorderingen. Een dergelijke voorziening wordt ultimo boekjaar 2023 niet noodzakelijk geacht.
5. Overige vorderingen en overlopende activa
| 31-12-2023 | 31-12-2022 | |
| Nog te ontvangen bedragen | 959.818 | 715.596 |
| Nog te ontvangen bedragen (SFS en VL) | 1.190.814 | 381.115 |
| Steunmaatregelen corona | 256.195 | |
| Omzetbelasting | 182.304 | 85.835 |
| Kortlopende vordering Boei | 28.135 | 28.687 |
| 2.361.071 | 1.467.428 |
6. Liquide middelen
| 31-12-2023 | 31-12-2022 | |
| Rabobank | 806.780 | 2.932.653 |
| Gelden onderweg | 11.458 | 14.486 |
| Kassen | 15.570 | 24.468 |
| 833.807 | 2.971.607 |
De liquide middelen staan volledig ter vrije beschikking.
7. Eigen vermogen
| Algemene reserve | Bestemings-reserve corona | Bestemmings-reserve herontwikkeling museum | Onverdeeld resultaat | Totaal | ||
| Stand per 1 januari 2022 | 916.177 | 530.642 | 1.446.819 | |||
| Bijdragen Vriendenloterij | 300.000 | 300.000 | ||||
| Gecorrigeerd saldo per 1 januari 2022 | 1.216.177 | - | - | 530.642 | 1.746.819 | |
| Mutaties | ||||||
| Verdeling resultaat 2021 | 530.642 | -530.642 | - | |||
| Onverdeeld resultaat 2022 | -391.579 | -391.579 | ||||
| Stand per 31 december 2022 | 1.216.177 | 530.642 | - | -391.579 | 1.355.240 | |
| Stand per 1 januari 2023 | 1.216.177 | 530.642 | - | -391.579 | 1.355.241 | |
| Mutaties | ||||||
| Verdeling resultaat 2022 | -113.092 | -530.642 | 252.155 | 391.580 | - | |
| Onverdeeld resultaat 2023 | -47.406 | -47.406 | ||||
| Stand per 31 december 2023 | 1.103.085 | - | 252.155 | -47.405 | 1.307.835 |
Het vermogensbeleid van het Spoorwegmuseum is dat het uitsluitend wordt gefinancierd met stichtingsvermogen en niet door middel van aangegane leningen bij derden.
In 2021 is een coronabestemmingsreserve opgebouwd om eventuele na-ijleffecten van de pandemie op te vangen. Deze bestemmingsreserve is niet langer nodig geacht en derhalve opgeheven. In 2022 is besloten een bestemmingsreserve op te bouwen voor de herontwikkeling van het museum. Deze reserve zal worden aangewend voor toekomstige investeringen in het museum.
8. Voorzieningen
| Groot onderhoud | Herontwikkeling museum | Langdurig zieken | Overige voorzieningen | Totaal | |
| Stand per 1 januari 2023 | 1.498.266 | 686.774 | 135.442 | 103.750 | 2.424.231 |
| Mutaties | |||||
| Dotaties | 629.358 | - | - | - | 629.358 |
| Ontrekkingen | 80.094 | - | 0 | - | 80.094 |
| Vrijval | 107.857 | 107.857 | |||
| Stand per 31 december 2023 | 2.047.530 | 686.774 | 27.584 | 103.750 | 2.865.638 |
De voorziening groot onderhoud is langlopend. In 2021 heeft het Spoorwegmuseum een nieuwe huurovereenkomst afgesloten met NS Vastgoed voor de huur van de opstallen en terreinen van en rondom het Maliebaanstation. Daarbij is ook een nadere uitwerking gemaakt van het uit te voeren groot onderhoud op basis van de gewijzigde verantwoordelijkheid. In 2023 is het MJOP geactualiseerd. Op basis van dit extern advies rapport is duidelijk geworden wat de behoefte is aan groot onderhoud. Met de onderbouwing van dit MJOP is de voorziening groot onderhoud bijgesteld met een extra dotatie van € 629.358.
Het Spoorwegmuseum is niet verzekerd voor de kosten gerelateerd aan de (langdurige) afwezigheid van zieken. Ultimo boekjaar 2023 is een voorziening gevormd voor de medewerkers die langdurig ziek zijn, aangevuld met de geschatte langdurig zieken op basis van ervaringscijfers. Dit heeft geleid tot een vrijval van € 107.857 aan de voorziening langdurig zieken.
De overige voorzieningen bestaan uit de financiële claims en geschatte juridische kosten die voortvloeien uit lopende geschillen. De casus betreffende depot Blerick, die was opgenomen in de vorige jaarrekening, is nog actueel.
De voorziening herontwikkeling is in 2014 opgezet en betreft ontvangen gelden van de VriendenLoterij inzake het geoormerkt werven van loten. Deze gelden worden door het Spoorwegmuseum besteed aan de publieksfunctie en presentatie van de collectie. In het verlengde hiervan worden de gelden door het Spoorwegmuseum aangewend om (grotere) toekomstige investeringen hierin mogelijk te maken. In 2024 zal voor het project achterterrein van deze voorziening gebruik worden gemaakt.
9. Langlopende schulden
| 31-12-2023 | 31-12-2022 | |
| Langlopende schuld SFS inzake Boei | - | 342.855 |
| - | 342.855 |
De afkoop van een deel van de huur van het nieuwe depot in Blerick (zie tevens Financiële vaste activa) werd extern gefinancierd. Het kortlopende deel van de schuld werd opgenomen onder de overlopende passiva. Deze schuld is kwijtgescholden door de Stichting Fondsenbeheer Spoorwegmuseum en als bijdrage verantwoord in de staat van baten en lasten.
10. Crediteuren
| 31-12-2023 | 31-12-2022 | |
| Crediteuren | 501.226 | 832.605 |
| 501.226 | 832.605 |
11. Overige schulden en overlopende passiva
| 31-12-2023 | 31-12-2022 | |
| Lonen, salarissen en vakantiegeld/dagen | 232.065 | 275.429 |
| Nog te betalen kosten | 99.300 | 167.808 |
| Vooruit ontvangen bijdragen | 13.381 | 11.959 |
| Loonbelasting | 128.886 | 152.731 |
| Kortlopende schuld SFS inzake Boei | - | 28.687 |
| Overige schulden en overlopende passiva | 221.035 | - |
| 694.667 | 636.614 |
Niet in de balans opgenomen rechten en verplichtingen
De contractuele verplichtingen voor de komende jaren zijn:
| Binnen één jaar: | Tussen één en vijf jaar: | Meer dan vijf jaar: | |
| Langlopende huurcontracten: | |||
| Museumgebouwen/terreinen | 541.541 | 2.166.164 | 12.094.414 |
| Kantoorgebouw | 88.091 | 176.181 | 0 |
| Depot Blerick | 116.573 | 466.292 | 1.020.013 |
| Sporen Maliebaanstation | 20.878 | 83.513 | 203.562 |
| 767.083 | 2.892.149 | 13.317.989 | |
| Operational Lease | 69.420 | 133.055 | 0 |
| Totaal | 836.503 | 3.025.204 | 13.317.989 |
De huurcontracten met NS Vastgoed B.V. betreffen de opstallen en terreinen van en rondom het Maliebaanstation en het kantoorgebouw. Het contract voor het Maliebaanstation is per 1 mei 2021 vernieuwd en loopt tot 1 mei 2051. In het contract is opgenomen dat de huurprijs na tien jaar opnieuw wordt bezien, er is dus geen sprake van jaarlijkse indexatie. Het contract voor het kantoorgebouw loopt tot 1 januari 2027. De huur wordt jaarlijks aangepast op basis van de wijziging van de consumentenprijsindex. Op basis van de contractueel vastgelegde berekening zou dit met de bovengemiddeld sterk gestegen CPI leiden tot een onevenredige stijging van de huur. Dit komt met name door de energiecomponent en die maakt geen onderdeel uit van de huur. De indexverhoging voor 2023 is door NS Vastgoed B.V. daarom neerwaarts bijgesteld (van 14% naar 6%).
De huur van het depot in Blerick betreft een contract met BOEi dat is ingegaan op 1 oktober 2012 met een looptijd van 25 jaar tot 1 oktober 2037. Een deel van de huur is bij aanvang afgekocht, de resterende huur is opgenomen als niet uit de balans blijkende verplichting. De huur wordt jaarlijks aangepast op basis van de wijziging van de consumentenprijsindex.
De huur voor de sporen Maliebaanstation betreft een contract met ProRail dat is ingegaan per 1 oktober 2013 met een looptijd van 25 jaar tot 1 oktober 2038. De huur wordt jaarlijks aangepast op basis van de wijziging van de consumentenprijsindex.
De Operational Lease betreft de verplichting voor Dark Fiber Leased Lines. Dit behelst een verplichting met een looptijd van 36 maanden eindigend in 2026.
Toelichting op de staat van baten en lasten over 2023
12. Entreegelden
| 2023 | 2022 | |
| Entree | 4.355.001 | 3.374.845 |
| Parkeren | 478.705 | 311.129 |
| Totaal | 4.833.706 | 3.685.974 |
13. Bijdragen overige activiteiten
| 2023 | 2022 | |
| Horeca | 290.319 | 235.554 |
| Winkel | 406.812 | 319.871 |
| Opbrengst zakelijke verhuur | 2.075.335 | 1.706.161 |
| Opbrengst verhuur evenementenstands | 22.884 | 13.340 |
| Opbrengst RailRookies | 4.712 | 5.260 |
| Diverse opbrengsten | 15.161 | 9.828 |
| Totaal | 2.815.223 | 2.290.015 |
14. Subsidie en sponsoring
| 2023 | 2022 | |
| Exploitatiebijdrage | 1.900.447 | 1.950.000 |
| Projectbijdrage | 765.340 | 450.000 |
| Afkoopbijdrage | - | 29.249 |
| Vaste bijdrage | 350.000 | 300.000 |
| Bijdrage geoormerkt werven | 352.315 | 317.825 |
| Vereniging van Vrienden | 2.400 | 50.000 |
| Stibans | 250.000 | - |
| Overige subsidiegevers | 176 | 127.163 |
| Totaal | 3.620.678 | 3.224.237 |
Het Spoorwegmuseum kan sinds 1 oktober 2007 op basis van haar financieringsbehoefte een gemotiveerde aanvraag bij de Stichting Fondsenbeheer Spoorwegmuseum indienen. Voor het jaar 2024 heeft de Stichting met een extra bijdrage à € 765.340 het project registratiefabriek mogelijk gemaakt. Het is ter discretie van de stichting hoeveel middelen zij op welk moment aan het Spoorwegmuseum ter beschikking wenst te stellen. Het bedrag VriendenLoterij bestaat in 2023 uit een vaste bijdrage ad € 350.000 en een bijdrage uit geoormerkt werven ad € 352.315. De overige fondsen en sponsoring bestaat in 2023 uit een bijdrage van de Stichting STIBANS ad € 250.000 aan de restauratie van de Mat'36.
15. Steunmaatregelen corona
| 2023 | 2022 | |
| Steunmaatregelen corona | - | 218.173 |
| Totaal | - | 218.173 |
De coronasteun maatregelen zijn afgerond.
16. Rente
| 2023 | 2022 | |
| Rentebaten bank | 13.095 | - |
| Totaal | 13.095 | - |
17. Overige baten
| 2023 | 2022 | |
| Diverse opbrengsten | 132.881 | 54.878 |
| Totaal | 132.881 | 54.878 |
18. Personeel
| 2023 | 2022 | |
| Salariskosten | 3.171.132 | 2.861.572 |
| Sociale lasten | 589.466 | 485.893 |
| Pensioenlasten | 257.953 | 196.269 |
| Inhuur | 490.892 | 140.044 |
| Overige personeelskosten | 161.622 | 129.645 |
| Mutatie voorziening langdurig zieken | -107.857 | 95.634 |
| Totaal | 4.563.207 | 3.909.057 |
Per jaareinde bedroeg het aantal personeelsleden 110 (2022: 123) en gemiddeld waren er over het jaar 58,1 fte (2022: 59,6) in dienst.
Bezoldiging toezichthouders en bestuurders
Het bestuur van het Spoorwegmuseum bestaat uit een enkele persoon, derhalve is de informatie inzake de bezoldiging van de directeur/bestuurder achterwege gelaten. De toezichthouders van het Spoorwegmuseum ontvangen geen bezoldiging.
19. Afschrijvingen
| 2023 | 2022 | |
| Afschrijvingslasten inventaris | 21.262 | 2.900 |
| Afschrijvingslasten keukeninventaris | 28.955 | 49.057 |
| Afschrijvingslasten hardware & audio | 21.258 | 14.419 |
| Afschrijvingslasten infrastructuur | 1.494 | - |
| Afschrijvingslasten tentoonstellingen en attracties | - | - |
| Totaal | 72.969 | 66.376 |
20. Huisvesting
| 2023 | 2022 | |
| Huur - vastgoed | 651.442 | 635.040 |
| Huur - sporen | 21.214 | 20.449 |
| Huur - afkoop | 28.687 | 29.249 |
| Zakelijke lasten | 149.420 | 137.159 |
| Mutatie voorziening groot onderhoud | 629.358 | 216.666 |
| Verhuiskosten | 34.839 | 21.452 |
| Onderhoud | 275.055 | 248.244 |
| Energie | 391.770 | 199.795 |
| Reiniging | 348.248 | 302.395 |
| Bewaking | 37.626 | 31.829 |
| Totaal | 2.567.658 | 1.842.277 |
21. Exploitatie
| 2023 | 2022 | |
| Pendeltrein | 200.000 | 169.231 |
| Overig | 20.671 | 35.388 |
| Winkel | 188.886 | 143.175 |
| Museumarrangementen | 313.794 | 235.719 |
| Totaal | 723.351 | 583.514 |
22. Administratie en beheer
| 2023 | 2022 | |
| Kantoor | 68.628 | 65.772 |
| Administratie | 32.630 | 46.056 |
| Diensten door derden | 22.358 | 25.298 |
| Verzekeringen | 71.449 | 78.543 |
| Bestuurskosten | 7.579 | 27.824 |
| Overig | 15.701 | 23.023 |
| Totaal | 218.346 | 266.517 |
23. ICT
| 2023 | 2022 | |
| ICT Hardware | 13.707 | 234.204 |
| ICT Operationele kosten | 373.971 | 78.615 |
| ICT Projecten | 74.115 | 10.186 |
| (Mobiele) telefonie & data | 33.687 | 28.003 |
| Totaal | 495.479 | 351.007 |
24. Collectie, beheer & behoud
| 2023 | 2022 | |
| Rollend materieel | 175.872 | 278.020 |
| Kunst | 30.251 | 29.923 |
| Techniek | 13.977 | 8.038 |
| Bibliotheek | 8.257 | 991 |
| Algemeen | 142.900 | 78.417 |
| Projecten (Asbest/Chroom) | 49.706 | 12.456 |
| Stibans | 150.475 | 213.493 |
| Totaal | 571.438 | 621.339 |
25. Marketing & Communicatie
| 2023 | 2022 | |
| Marketing | 621.986 | 453.686 |
| PR & communicatie | 42.715 | 42.532 |
| Fondsenwerving | 2.575 | 5.480 |
| Educatie & publiekscommunicatie | 95.948 | 101.977 |
| Evenementen & tentoonstellingen | 676.968 | 438.306 |
| Kosten geoormerkt werven | 90.180 | 65.670 |
| Totaal | 1.530.372 | 1.107.651 |
26. Strategieprojecten
| 2023 | 2022 | |
| Project De Registratiefabriek | 468.882 | 684.984 |
| Project Beladen jaren in beeld (WO2) | 49 | 158.953 |
| Project Het achterterrein | 251.237 | 273.180 |
| Totaal | 720.168 | 1.117.118 |
Verschillenanalyse jaarrekening versus begroting 2023
| 2023 | 2023 | ||
| Realisatie | Begroting | Verschil | |
| Baten | |||
| 12. Entreegelden | 4.833.706 | 4.303.400 | 530.306 |
| 13. Bijdragen overige activiteiten | 2.815.223 | 1.952.500 | 862.723 |
| 14. Subsidie en sponsoring | 3.620.678 | 3.390.036 | 230.642 |
| 15. Steunmaatregelen corona | - | - | - |
| 16. Rente | 13.095 | 50 | 13.045 |
| 17. Overige baten | 132.881 | - | 132.881 |
| Totaal baten | 11.415.582 | 9.645.986 | 1.769.596 |
| Lasten | |||
| 18. Personeel | 4.563.207 | 4.242.247 | -320.960 |
| 19. Afschrijvingslasten | 72.969 | 75.000 | 2.031 |
| 20. Huisvesting | 2.567.658 | 2.096.401 | -471.257 |
| 21. Exploitatie | 723.351 | 557.000 | -166.351 |
| 22. Administratie & beheer | 218.346 | 280.000 | 61.654 |
| 23. ICT | 495.479 | 429.252 | -66.227 |
| 24. Collectie, beheer & behoud | 571.438 | 452.840 | -118.598 |
| 25. Marketing & communicatie | 1.530.372 | 1.260.800 | -269.572 |
| 26. Strategieprojecten | 720.168 | 765.340 | 45.172 |
| Totaal lasten | 11.462.988 | 10.158.880 | -1.304.108 |
| Exploitatie saldo | -47.406 | -512.894 | 465.488 |
Toelichting verschillenanalyse jaarrekening versus begroting 2023
Het Spoorwegmuseum sluit het boekjaar af met een negatief financieel resultaat van € 47.406. Dit is € 440.488 beter dan begroot. 2023 is het eerste jaar na de pandemie waar een heel jaar aan openstelling van het museum heeft plaatsgevonden. Aan de begroting heeft het laatste volledige boekjaar ter referentie gelegen. Mede door weersomstandigheden zijn de bezoekersaantallen in 2023 veel hoger geweest dan begroot. Zowel de reguliere bezoekersaantallen als evenementen hebben hierdoor bijgedragen aan hogere baten. Daarnaast heeft het museum een extra bijdrage mogen ontvangen vanuit de Vriendenloterij en een projectbijdrage ontvangen ten behoeve van de restauratie van de mat '36.
Door personele wisselingen is het museum genoodzaakt geweest een aantal posities tijdelijk te bezetten met ingehuurd personeel. Dit heeft geleid tot hogere personele lasten. Betere inzicht en onderbouwing van het groot onderhoud heeft geleid tot een extra dotatie aan de voorziening voor groot onderhoud. Mede hierdoor vallen de huisvestingskosten hoger uit.
Binnen de exploitatiekosten zitten ook de inkoopkosten verbonden aan museumarrangementen. Door de samenhang met de omzetzijde van de museumarrangementen is ook deze post gestegen. De kosten voor de restauratie van de Mat '36 zijn opgenomen onder Collectie, beheer & behoud en waren hoger dan begroot.
In 2023 is een start gemaakt met de herinrichting van het achterterrein van het museum. De kosten voor de ontwikkeling verminderd met dekkingen vanuit projectbijdragen en daartoe bestemde voorzieningen worden geactiveerd.
Overige gegevens
Controleverklaring van de onafhankelijke accountant
Hiervoor wordt verwezen naar de hierna opgenomen verklaring.
Statutaire regeling bestemming exploitatiesaldo
Artikel 16.6 van de statuten schrijft voor dat het eventuele batige saldo zoveel mogelijk aan het eigen vermogen wordt toegevoegd.