Het Spoorwegmuseum organiseerde in 2022 twee tentoonstellingen: Treinramp Harmelen en Expeditie Posttrein.
Treinramp Harmelen: 8 januari t/m 30 oktober
Op 8 januari was het precies 60 jaar geleden dat bij Harmelen in dichte mist twee treinen op elkaar botsten. Het is tot op de dag van vandaag de grootste spoorwegramp uit de Nederlandse geschiedenis. Met een bescheiden tentoonstelling blikte het Spoorwegmuseum terug.
Spoorwegramp Harmelen
Op 8 januari 1962 hing er een dichte mist in de polder bij Harmelen. Om 9.15 uur vertrok stoptrein 464 uit Woerden richting Breukelen met 180 reizigers aan boord. Uit de andere richting naderde vanuit Utrecht sneltrein 164 met bestemming Rotterdam. De trein met 11 rijtuigen en circa 900 inzittenden had 6 minuten vertraging. Met een vaart van 125 km/u passeerde de sneltrein een geel sein, het teken om af te remmen. De machinist merkte, waarschijnlijk door de dichte mist, dit gele sein niet op. Met fatale gevolgen. Op het moment dat de machinist het rode sein ziet is het te laat. Ondanks de remming botste de sneltrein in volle vaart op de stoptrein. De ravage was enorm.
Zoektocht
In de expositie vertelt overlevende Andre Smeding zijn aangrijpende verhaal. Hij overleefde de ramp en hielp mee met de zoektocht naar overlevenden. Samen met een andere overlevende haalde hij een meisje levend uit de ramptrein. Zijn oproep in aanloop naar de tentoonstelling om te weten te komen wat er geworden was van het meisje had succes. De krant deed er verslag van, zijn verhaal was in een filmpje te zien in de tentoonstelling.
Dorpshuis Harmelen
De tentoonstelling is na afloop verhuisd naar het Dorpshuis in Harmelen waar hij in 2023 nog enige tijd te zien is geweest.
Expeditie Posttrein: 17 mei t/m 27 november
Jarenlang speelde de trein een belangrijke rol in het postvervoer. Speciale posttreinen zorgden, vaak ’s nachts, voor het vervoer van de post. Vijfentwintig jaar geleden kwam hier een eind aan: op 16 mei 1997 maakte de posttrein in Nederland zijn laatste rit. Aanleiding voor het Spoorwegmuseum om in een tentoonstelling het verhaal van het postvervoer per trein te vertellen en de bijzondere collectie posttreinen te tonen.
Collectie posttreinen
De getoonde posttreinen waren de Pec (1938), postrijtuig Plan C (1952), Motorpost Mp3031 (1966) en Hpost (1978). Een extra toevoeging was het 1ste klasse rijtuig van de Arend met teruggebrachte postafdeling.
Geschikt voor kinderen
'Expeditie Posttrein' richtte zich niet alleen op de liefhebber, ook de kerndoelgroep gezinnen met kinderen werd ermee bediend. Er was namelijk niet alleen veel te zien, maar ook van alles te doen. Bezoekers werden ontvangen door expeditiechef Willem die wel wat hulp kon gebruiken. In de treinen waren verschillende postspellen te vinden waarmee stempels te verdienen waren.
Hoogtepunten
In de tentoonstelling was een aantal bijzondere collectiestukken te zien zoals de oudste per spoor verzonden brief uit de collectie, de brief werd in 1852 verstuurd toen er nog geen postzegels bestonden. Een pastel van Herman Heijenbrock die in 1937 de nachtelijke postsorteerders op Utrecht CS vastlegde. Ook toonde het museum enkele bijzondere treinmodellen, zoals een speciaal voor de tentoonstelling gebouwd diorama van een van de eerste Rijkspostrijtuigen uit ca. 1856 en een postrijtuig uit Java met een zogeheten ‘postzakvanginrichting’ waarbij met haken postzakken vanuit de rijdende trein werden gevist.
Bijzonder bruikleen
De opening werd opgeluisterd met een optreden van muzikant Spinvis, die zelf jarenlang op de posttrein heeft gewerkt. De aantekenboekjes die hij tijdens zijn diensten volschreef heeft hij als bruikleen ter beschikking gesteld voor de tentoonstelling.
Speciaal postzegelvel
Post NL bracht voor de tentoonstelling een speciaal postzegelvel uit met daarop de posttreinen uit de tentoonstelling. Het eerste exemplaar werd tijdens de opening door Stephan van den Eijnden van Post NL overhandigd aan Nicole Kuppens. De postzegels waren snel uitverkocht.